Avondval

De avond valt
hij laat zich kennen
het is even wennen
wennen aan jou
die al in de nacht wil dwalen,
– zoveel verhalen
zoveel zinnen, –
weinig woorden
om jouw ogenblik
te vullen want
de avond valt
hij laat zich kennen
het is even wennen
want opnieuw begeef ik mij op weg
ik wankel en
ik wil bekennen
aan jou
met jou
aan je lippen toevertrouwen
hoe je mij de adem afsneed
hoe mijn vingers zich
om deze strakke koord
om dit maar telkens weer
zich spannend kluwen
strengelden
verstrikt
gestikt in
deze avondval
die zich nu laat kennen
het is even wennen
maar dit uur is me vertrouwd
want ik wen aan jou
die zoals steeds
in deze nacht wil dwalen,
maar eerst de avond
deze avond
zie hoe hij valt:
laat ons klinken,
zingen, stampen,
stampen
en verdampen
zachtjes wennen
aan de avondval.

(Markt, Londerzeel, 23 oktober 2015, 22:20)

De Gelaarsde Kat

Zo zijn we dan
en in dat zijn
wie zijn we dan

links of rechts
op hoge toppen
of
doorheen diepe dalen

de einder
plots in zicht

één Liefde
diep geborgen
opgeborgen
diep verborgen
in de armen
van de Nacht

daar zijn we dan
daar wordt geen
Licht verdragen
daar koestert enkel
het verlangen
te zijn
de kwetsbaarheid
van vlindervleugels
die achterblijft
op vingertoppen

links en rechts
doorheen de toppen
in de diepe dalen
en in dat zijn
de vreugde van
het raken
raken aan het zijn
van wie we zijn,
daar zijn we dan

(Eetcafé “De gelaarsde Kat”, Kortrijk-Dutsel, zondag 11 oktober 2015, 18:43)

Resttijd

Zal ik zingen,
zingen over
de tijd die me nog rest,
de zon verlaat haar aardse baan
en geeft zich over aan het Vuur
de tijd die Haar nog rest
de wind waait door het gras
dat voor mijn ogen opent
om mijn handen te ontvangen
de tijd die me nog rest

de naderende zee
verkleint het kijken,
het strand wordt ingenomen
het zand verstrooit zich in de golven

dit ogenblik is heilig
de tijd die me nog rest
glipt weg
vormt omgekeerde kegels
vergaart
de tijd die me nog rest

en ook dit zingen lost zich op
in deze zinderende zondag
die zich met de maan
verzoent

zij zullen samen zinken
in de tijd die hen nog rest

dit is het einde
geen nieuw begin
geen muren rond de uren
de vuren branden
de ziel danst onbestemd
één harteklop
waarin geschreven staat
dit
is de tijd die je nog rest

(“Sun Wave”, Bar à vin, Wissant, bij zonsondergang, zondag 27 september 2015, 19:19)

Aankomst

Aangekomen
niets verloren
niets gevonden
alles leeft
tussen de druppels
de verhalen
van de takken
die weerspiegelen
in het heimwee van de dag
wat asse die is
uitgebloed, zwarte
schittering die vochtig
mij omarmt als was het
jouw verlangen
dat zo troosteloos
zich aandient
in deze middagkilte,
er zijn geen wegen meer,
geen sporen om te volgen
enkel aankomen en dan
vertrekken,
niets verloren,
niets gevonden,
enkel die asse
waar ik
hunkerend
de mijne mee vermeng
om altijd
thuis te komen.

(Brouwerij Viersel, woensdag 23 september 2015, 12:47)
Website: “Liever Leven”

Kookaburra

De wind gaat langzaam liggen,
een laatste zucht, een koppel
wilde ganzen maakt gebruik
van deze ademtocht om sierlijk
neer te strijken op het bijna
rimpelloze water, dit is
een zielentocht, een haperen,
het schateren van stemmen
klinkt misplaatst, de veerman
trekt de kabels strak, waarom
verblijven wij in deze tussenstad,
dit twijfelen tussen oevers, het op
en neer gaan van dit vloeien, en dan
die stemmen, O, die stemmen,
zij snijden als gewette messen
in dit Avondland,
vaar mij, vaar mij naar de overkant,
het land van zacht vertoeven,
niet meer hoeven,
enkel dan jouw armen en
je schoot waarnaar ik terugkeer
op die zachte ademtocht,
die laatste zucht
om sierlijk neer te strijken,
aan te meren
in jouw rimpelloze
Zee van Stilte.

(Sint-Amands, zondag 20 september 2015, 17:30 aan de Scheldebocht, bij het graf van Emile Verhaeren)

ps: “Kookaburra” is de naam die de Aboriginals (Australië) geven aan de “lachvogel”, tevens de naam van het schip dat ligt in de bocht van de Schelde bij Sint-Amands, zie ook: https://nl.wikipedia.org/wiki/Kookaburra

WP_20150920_008

Deze foto werd genomen door Hermine & Eddy, bij het graf van Emile Verhaeren aan de Scheldebocht te Sint-Amands. “Toevallige” vriendelijke en hartelijke voorbijgangers, zodat het gedicht dat ik wou schrijven moeiteloos uit mijn pen vloeide! Dankje! 🙂