Onderstroom

boomring1

En als ik je dan zie voel ik de onderstroom,
die  sterker dan de golf  de diepte schuurt,
mijn wezen raakt,  beroert, zoals de  traan
die opwelt uit de bedding van de ziel,
zuiver, helder en ontdaan van alles
wat het oog vertroebelt en het hart bezwaart,
verlichting brengt,  de enige getuige
van wat daar op  de bodem leeft.

(foto: boomdoorsnede, jaarringen en knopen van takken)

Diamant

Bestanden komen toe als diamanten,
ze ontvouwen zich zoals de Ziel het hart
graveert, in Liefde en in juiste handen,
zoals voorbij de wolken en voorbij
de blauwe hemel in de Duisternis van
ons geweten Hoop te wachten ligt, daar
schitteren ze, hun Licht is al vertrokken
nog voor wij het ontvangen, ze dragen
jaren als enkele duizenden van een seconde,
ze helen wonden die nog niet geslagen zijn,
ze dragen je op handen, het zijn zo onze
zielsverwanten, onze leefgenoten die
voorhanden zijn als we de diepe eelt
wegslijpen die dit Aards bestaan heeft
laten groeien in ons diepste zijn, zo
hard ons hart, zo hart, zo hard dat
duizenden seconden niet voldoende
zijn om al die jaren fijn te slijpen, het
is specialistenwerk , het is een dieper
weten, een wakker worden uit een
slaap die eeuwig duurt, en dan, dan,
als alle weten is vergeten, en als ons
laatste Licht is uitgedoofd, als het zo
donker wordt dat we zelfs onze hand,
ons enig instrument om deze diamant
tentoon te stellen, uiteindelijk zijn
kwijtgespeeld, als door een guillotine
flitsend afgesneden, dan, pas dan
zullen we naar verste sterren reiken,
zullen we wonen in een niemandsland,
waar dan bestanden zich ontvouwen
als een zuiver zijn, als diamanten
die in handen van dat opgebrande,
ijle Niets, in schitterend uitgepuurde
Liefde  alles doen ontbranden, een
Laaiend Vuur zal ons omarmen tot
we zelf branden, sterrenstof, waar
Alles is, en duurt , opnieuw en Nieuw.

Zweven

Het is zoals een zweven tussen de hemel en de aarde,
tussen mijn hart en ziel,  het is zoals een zweven,
even geven, even  nemen, zoals hoog in de wolken
ik geboren ben.  Het is zoals en zweven en soms is het
dan goed van wat als een geheim tussen de heuvels van
dit Ruigoord ligt geborgen nog even  in zijn rust te laten.
Het is zoals een zweven en mijn hart gaat hevig  heen
en weer tussen dit weten en vergeten.
Tussen de bladzijden vergeeld heb ik je dan gevonden,
je lach was welbekend, zoals een zweven heb jij me dan
herkend. De hemel  werd dan uitgeklaard en hoger
nog kon ik de adem vinden die te ruste leggen kan.
Het is zoals een zweven tussen de glimlach van je
ogen, vraag niet meer want ik herkende het, het was mij
al gegeven, diep geborgen diep verborgen in de bedding
van de heuvels hier, de heuvels van het weten en vergeten,
als geheim nog niet ontsluierd.
Het is zoals een zweven en nu, nu dan herken ik pas
je stem. O, nee, vraag niet meer, je hebt  me al gegeven,
hier is dan eindelijk dit zweven,  en nu, nu ga ik dan heen,
ik zweef nu verder  tussen de hemel en de aarde, en verder
dan zal ik je kussen, je omarmen tot je niet meer spreekt
en wij dan in elkaar geborgen worden tot wij ooit gevonden
zullen worden, tot dit  geheim zal zweven tussen de hemel
en de aarde, tussen ons hart en onze ziel.
Luister: wat daar geschreven staat zal dan gelezen
worden voor wie ook zweven kan, hoog in de wolken
en voorbij het weten en vergeten, voorbij wat hier
geschreven staat,
luister, stil,
nu

(geschreven en voorgelezen tijdens I Tjing Symposium 13/7/2009 ~ Ruigoord, zie foto hieronder)

ruigoord