Zoals dit denken opgaat in de ijle
lucht, verdwijnt in wolken om als
regen terug te keren, zo smelt
de sneeuw vandaag onder de eerste
zonnestralen. Vier duiven doen
de treurwilgtwijgen buigen, zij rusten
hier op vleugels alsof zij weten dat
hun wiegen deze boom doet vliegen.
Op en neer bewegen takken, schudden
alle wegen weg, de zuiverende wind
zorgt voor de thuiskomst van het kind
dat in geborgenheid gedragen wordt.
Als dan dit denken wordt geboren
zal het dan zijn als ochtendgloren?
Zal het dan zuiver blijven, onbezoedeld
door de neerslag van het spreken?
De indruk die het maakt laat steeds
zijn sporen na, hoe moeilijk valt het
af te schudden in een zee van stilte,
hoe moeilijk is het voor de vlok om
niet als druppel terug te keren?
Toch zijn zij allebei de kinderen van
eenzelfde oceaan die slechts de taal
van Liefde spreekt. Daarin bestaat
geen onderscheid, daaruit zweven
de woorden naar de bij hen passende
zinnen, en het verhaal ermee geschreven
is dan het denken dat kan opgaan
in de ijle lucht, om als een zachte
regen terug te keren, zoals vier
witte duiven op de treurwilgtwijgen.
Verdeling
Dacht in de blauwe hemel ooit een lijn
te zien die zon en maan verdeelden,
maar beide drinken van hetzelfde licht.
Dacht zwart en wit te zien en daarin
dan de oplossing van alle vragen, maar
beide kennen niet de warmte van een
regenboog. Dacht sneeuw te zien en ijs,
maar beide groeien uit hetzelfde water.
Dacht hoog te zien en laag, een midden
waarop beide schommeldansen, maar
was vergeten dat er geen begin noch
einde is, tenzij het zachtjes wiegen in
jouw armen. Waarom verliest de boom
het blad en jij vertrouwen? Waarom
spreek je mij met mijn voornaam aan ?
In hemelsnaam. Dacht in de blauwe
hemel ooit een lijn te zien die zon en
maan verdeelden, maar toen de wind
kwam bleek plots alles opgelost. Wie
zonder woorden is tekent een hemellijn,
en wacht op wind, verbindt, wordt kind.
Geheim
Zal ik je een Geheim vertellen, of zal
ik er stilletjes vanonder muizen, zoals
de wind die zomaar liggen gaat, of
als de donder die zomaar zijn echo
laat verdwijnen? Misschien zoals de
regen die zowaar vergeet de grasmat
te bevochtigen, of als de zon die plots
begint te stralen en haar warmte bij
zich houdt? En zie hoe sneeuw valt
maar dan toch besluit niet wit te zijn,
onzichtbaar wordt, niet op te lossen
maar duidelijke woorden achterlaat,
net zo dan dit geheim, dat zich nu
openbaart en open bloeit, zoals een
bloem, die enkel door haar geur nog
te ontdekken valt, of zoals Liefde , stil
en daarom toch aanwezig. Zo zal ik
ook verdwijnen, laat deze woorden
achter, je lezen zal mij wel ontwaken.
Regenboog
De zon breekt telkens weer doorheen de wolken,
zoals de regen nooit lang op zich laat wachten
als gedreven door een aanwakkerende bries de
witte rookgordijnen donker worden. Ontelbaar
bevolken ze de hemel soms, ontembaar schuiven
ze over elkaar, en in elkaar zoals gerijde legers
hun slagorde verliezen als vriend en vijand
elkaar treffen, niet meer te onderscheiden zijn.
Weerklinkt een donderslag volgt doodse stilte,
die ruimte maakt voor nieuwe mokerslagen op
het aambeeld van de strijd. En plots verschijnt
de regenboog: wie heeft er dan nog pijlen? Enkel
de zon, die telkens weer doorheen de wolken breekt.
(afbeelding: Wissant, Nord-Pas De Calais, Frankrijk)
Brievenkus
Eerste Liefdesbrief (Armand Van Assche)
“De brieven slapen nog
met hun lippen verzegeld
maar ik lig allang wakker
als de postbode komt
de kleppen van zijn tas opslaat
en gevleugelde woorden loslaat.
Op mijn tenen loop ik naar de bus
en leg mijn oor dicht tegen haar aan.
Ik hoor leven bewegen
tussen de regels,
gewriemel, hartkloppingen;
ik hoor een klapzoen
en een klein hart
in een lichtblauwe omslag.
Voorzichtig betast ik
de halfopen lippen van de brief
en word even rood
zo rood als een postbus
en plooi dan open,
helemaal in de wolken
zwevend op mijn verliefde vleugels.”
om te gebruiken voor publicatie ~
Leuven, Ladeuzeplein)





