Lazarus @ Tyne Cot Cemetery Passendale

 

Vier dagen en vier nachten
lag ik in ’t gesloten graf,
toen hoorde ik mijn naam, gesproken
met onzeggelijk gezag;
en ik ontwaakte, en het was dag,
verblindend helder aangebroken.
Ik rukte de zweetdoek af,
keek ontsteld naar boven:
de steen was weggeschoven,
en ‘k zag de grote verbaasde ogen
van mijn zusters, en,
liefderijk neergebogen,
mijn verheven Vriend, die weende
toen ik klam en mat,
tastend naar buiten trad.

Zij gaven mij brood en wijn, en meenden
dat ik nu wel heel mijn beleven
onthullen zou, en dood en leven
(het schrikbarend geheim) meteen
ontraadselen. Etend zag ik voor mij heen:
daarover te spreken was niemand gegeven,
ook niet een dode. Dit kon ik getuigen:
goud noch aanzien gelden daar beneden,
maar wat men levend heeft geleden,
wat men bemint. Niet het vrome buigen
is van gewicht, niet praal en schijn,
maar de barmhartigheid, de pijn
die gij hebt gestild, de getrooste nood,
het gedeelde brood.

Geven uit jonste, de reine daad,
dat kennen weinigen, hoon en smaad
zijn hun deel, ten allen tijde –
maar ’t hart alleen, niet het gelaat
hoedt u voor de nacht, en ’t lijden.

Zij wachtten, hakend naar meer,
maar ik at zwijgend voort;
en de goede, gezegende Heer
beaamde zonder woord.

Ferdinand Vercnocke

(video still: “Kristos”, Ferdinand Vercnocke, olie op doek 100x80cm)

Kristos1

 

Sterrenlicht

Het is zoals met licht van sterren, wat
we zien is slechts de afdruk van verhalen
die reeds lang voor ons geschreven zijn,
wij leven in een veld dat enkel nog
bestaat in de herinnering, terwijl we lezen
worden op hetzelfde ogenblik en ver van
hier al nieuwe regels toegevoegd die niet
voor ons meer te ontdekken vallen maar
voor de kinderen die nu nog niet geboren+
zijn, zoals de regen voor het zonlicht moet
verdwijnen, en wolken voor de wind, zo is
het ook met ons: wij keren telkens terug
naar oceanen tot we opgezogen worden
of verstijven, tot zonnestralen ons weer
zachtjes oplichten, en zoals sterren wij dan
plots verschijnen uit en in het Niets, een
Mantel opent zich, twee vleugels reiken
van Begin tot Eind, een Lichtflits schudt
het verenkleed, uit onze handen vloeit
betekenis die oplicht aan de hemels waarin
kinderen de dromen vangen die wij daar
achterlieten, ja waarlijk, het is zoals met
licht van sterren: zij dragen de vruchten
van het veld dat enkel nog bestaat in de
herinnering, maar nooit vergeten wordt,
tot nieuwe ogen wakker lezen wat ooit
bedoeld was te ontkiemen in één ogenblik.

(dit gedicht haalde de top 1000 van de Turing Gedichtenwedstrijd 2015)

Walvismuziek (Top 100 2015 Turing Gedichtenwedstrijd)

Een walvis heeft de school verlaten,
de regen kleurt de hemel groen en
tussen wolken drijft verlangen dat
nog een droom wil vinden.
Ik heb een bloem gezocht,
ik heb ze niet gevonden,
dacht aan een bloem en dacht aan jou,
ik heb je niet gevonden.
Uit alle wonden heb ik duisternis
verwijderd, uit alle kloven heb ik
de diepte opgevist om slechts
languit te liggen en opnieuw te dalen,
uit alle putten dronk ik van de bodem.
Ik heb een bloem gezocht,
ik heb ze niet gevonden,
dacht aan een bloem, dacht dan aan jou,
en toch heb ik je niet gevonden.
De wind waait over golven,
stuwt hen op totdat ze breken
op het strand en er een afdruk achter
laten die al meteen wordt schoon
geveegd terwijl de meeuwen huiveren.
Wat op het water drijft is wat verloren
werd, wat ooit geboren nooit een haven
heeft gevonden, zoals een bloem en
jij, een aangespoeld verlangen dat ooit
nog tussen wolken dreef, nu enkel door
de wind in schuim wordt weggewaaid.
Hoor nu hoe over alle heuvelruggen
de nacht langzaam een deken spreidt,
een zachte rimpeling, ogen en handen
toegedekt, verstilde lippen zuchten
naar wolken om een droom te vinden.
Ik heb een bloem gezocht,
ik heb ze niet gevonden,
dacht aan een bloem en dan aan jou,
en toen ik je dan vond werd het windstil,
een walvis heeft de school verlaten
en regen kleurt de hemel groen.

Vloed 088b

Dit gedicht haalde de Top 100 van de Turingwedstrijd 2015. Winnaars dat jaar waren: 1. Else Kemps, 2. Geert Viaene, 3. Joyce Willemse. Proficiat! Zie het juryrapport over hen hier: “Turing Gedichtenwedstrijd 2015“. De volledige lijst van dichters is te vinden in de “Hall of Fame” van de Turing Foundation.

afbeelding: “Vloed”, F. Vercnocke, olie op doek, 70x80cm. 

I Ching Millefolium

ACHILLEA MILLEFOLIUM (in memory of Han Boering)

Today the millefolium
is flourishing in the garden,
its leaves impossible to count,
its colours of amazing beauty,
just as many visiting,
tasted their smell
like as a huge one 100,
talking in strange tongues
it seemed like Babylon
they asked a lot of questions
but still the same sun shone on all
and all of them,
without much thought,
they picked a stalk
and 50 then were left behind
and then came 1
gathering their catch
what questions then were left to them?
and to what colour then
was their attention drawn?
what smell kept burning in their eyes?
yet all of them are singing
to the selfsame melody,
and all of them are lavished
by the selfsame well
So as today the fish
around, around are dancing
as princes and princesses,
so once spoke Apollonious:
“though this be madness,
yet there’s method in it”

Today the millefolium
is flourishing in the garden,
gripping then the looking,
and shrouded then the memory,
what use in counting if the sum is known?
Today this monument
is flourishing in the garden,
built for eternities,
invisibly with hands constructed,
we watch, we cannot understand
as 1 who knows:
“nowhere is there a habitat for answers,
for those who only seek solutions”
why not then to the garden disappear
where now the millefolium resides
the home of 1000 questions now,
like as a huge one 100,
and where all stalks, once counted,
this answer offer:
“the woman here, dwells in the centre,
and nourishment will follow
when bonds in families
will shine out clear and bright,
that’s how connexion grows”

Today the millefolium
is flourishing in the garden,
the questioning is over,
and Love is growing.

(Ps: The counting of dried branches of the Achillea Millefolium is used as an ancient method to consult the “I Ching”, the Chinese “Book of Changes”. I wrote the poem to honour Han Boering, Dutch I Ching Master, who passed away in June, 2015). He wrote outstanding books on the matter, and was an expert in explaining and advising those who came for questions and answers.)

Neergelegd

Het was zo’n dag vandaag,
één van de vele honderden die de jaren nu al tellen,
ik heb er mij bij neergelegd,
dat die dagen,
telkens weer,
zich zonder voorafgaande zomaar aanmelden
en wat moet je er dan mee?

Aanvaarden dat er is
een komen en een gaan,
of toch maar hopen dat de volgende
niet meer zo dwingend,
niet meer zo alles overstemmend,
overspoelend zijn?
Zoals golven soms,
als ze opgezweept en brullend zich een weg banen
dwars door en over alles heen,
zand omwoelen,
daarna neerleggen,
telkens weer,
en het tenslotte,
noodgedwongen,
achterlaten op het strand,
uitgestorven.

Ik buig dan nederig voor al dat aanzwellen van machtsvertoon
en kijk of aan de einder er al voorteken van omslag is,
van bedaren,
zoals de jaren die ik tel,
telkens weer,
wanneer jouw beeld zich op mijn netvlies brandt.

Die dagen worden langer,
opwaaiende herinnering,
een herfstblad dat het gras bedekt,
uitgestorven,

daar heb ik mij bij neergelegd.

(Vrijdag 30 oktober 2015)