Tagarchief: willen

Willen

Wij willen aan de wereld draaien, meester van de schepping zijn,
wolken mennen, zaaien, oogsten, golven temmen, wij willen op
het water lopen, maken, rennen, horizonten drinken, oceanen
bouwen, wij willen ademen en maaien, graaien, laaien, zwelgen
tot de laatste snik, wij willen niet verzadigen maar gulzig scheppen,
wij willen zweven tussen sterren en niet beven, nee niet beven, leven
willen wij, reiken naar de overkant en bruggen bouwen over alle
tranen heen, kan ik verdergaan?
Wij willen aan de wereld draaien, dood versagen, hunkeren, niet
luisteren naar de stemmen van de nacht, wij willen hemel zijn,
tronen , zon en maan zijn, het heen en weer gaan van getijden,
stempels drukken in de verste hoeken, tot ver voorbij kometen,
binnendringen in atomen, volgen, leiden, zal ik verdergaan?
Wij willen aan de wereld draaien, de aarde willen wij aan onze voeten,
wij willen zijn de vleugelslag eroverheen, wij willen wind zijn waarmee
wij dan varen, over en door alle stormen heen en nooit versagen,
alle zeilen bij, wij willen moeder zijn en vader, zoon en dochter,
mensenkind, medestander, tegenstander, overwinnen en op alle vragen
antwoord vinden, zelfs voor de spiegel willen wij niet wijken,
nooit bezwijken, wil ik verdergaan, of vul jij nog  aan, verder willen
of verstillen?

foto: zonsopgang, Dordogne, augustus 2012

Daarwee

Alsof mijn spieren plots verkrampen, en mijn adem
stokt, mijn lichaam wilt niet meer, het wilt niet luisteren,
wilt enkel schreeuwen, wilt enkel oor, een houvast om
de pijn te stillen van dat willen, van wat aandringend om
geboorte vraagt, alsof in al mijn vezels ik de roep voel vloeien
die zich nu  onstuitbaar aandient als een ongenode gast die
dwingend  om een inkom smeekt maar toegang wordt geweigerd
en toch niet wijken wilt, O, mijn lichaam wilt niet meer, het is
zo moe, zo moe van al dat dragen, van de dagen en de dagen
onophoudelijk vragen om uitkomst, om verlossing, om zelf
opnieuw te mogen zijn de daarwee van een nieuw begin.
En nu, wat blijft er over nu, waarin vind ik de oplossing van
een verlangen dat reeds daarvoor ingang vond? Ben ik een
vondeling, een afgedwaalde ster die hier op deze aarde uit
de hemel viel verstoten uit het land van de begeerte, het veld
van de herinnering, of ben ik slechts een ziel die hier een
haven wilt, een onderkomen, een bedding om zich in te keren?
O, alsof mijn spieren plots verkrampen en mijn adem stokt,
mijn hart wilt alle ballast werpen, mijn bloed laten verdampen
en ankeren, het wilt zich willoos overgeven aan 1 ogenblik, zoals
jouw ogen toen ze zich vooroverbogen, zich in de mijne boorden,
aanlegden en de gekeerde storm in mij liet stromen, O, ik weet
het nu, zo werd in deze kering de orkaan geboren waarvan jij
bent het middelpunt en ik wentel nu, mijn lichaam geeft zich over,
ik beken in golfjes, ik spoel aan, ik ben geworpen, ik word, ik word
de daarwee die zich losrukt uit de bedding van mijn ziel om dan
gekeerd tot rust te komen, mijn lichaam is niet meer,  het is verdwenen,
zoals een druppel voel ik me geborgen in een oceaan die alle werelden
tot oevers maakt, om daar in eb en vloed nieuw leven te bevruchten,
O, ik ben, ik ben de daarwee en ik stroom

(afbeelding @ Wissant, Nord-Pas De Calais)

(het woord “daarwee” is een vondst van Ronald Gibhart
mij aangewaaid via Twitter @ Katja Gebbink )

Vingerlicht

Zoals je ogen binnenkijken en je
lippen dan verstillen zou ik willen,
zoals je vingers dan bewegen en
onmerkbaar zacht verlichting
vangen, het uitstrijken, de droom
velden tot leven brengen waarin
ik enkel duisternis kon vinden, O,
zoals je ogen binnenkijken en je
lippen dan verstillen zou ik willen,
zoals je vingers dan beminnen, de
glooiing vinden om er te ontginnen
wat zich slechts mondjesmaat laat
innen, O, het is een wonder, je zingt
de kleuren waarin ik geboren werd
en die ik nu herken, nu, nu, wanneer
jouw vingers slechts in dromen door
mijn zinnen borstelen, O, zoals je
ogen binnenkijken en je lippen dan
verstillen zou ik willen, ik zou je hier
bij mij opnieuw in doeken willen
vouwen, je droomvelden dan zo tot
leven brengen, de duisternis voorbij
en jij zo klaar om nog eens duizend
maal en meer dit kleurenspel te
vangen zodat mijn ogen binnenkijken,
mijn lippen dan verstillen en je
willen, je ontplooien, tot mijn vingers
dan bewegen en onmerkbaar die
verlichting vangen.