Glazen Hemel

Zoals ik kijk naar jou, zo is het
kijken naar wolken achter glas,
de hemel laat zich slechts heel
even kennen, een ogenblik, de
tijd om al te wennen aan een
eeuwigheid. Stukje bij beetje
stapelt de ene wolk zich op de
andere, tot er een vreugdevol
herkennen komt, een helder
wederzien, een korte knipoog,
als om je vertellen dat je welkom
bent. En als je reiken wil dan
zal je alle glas wel overwinnen,
want het staat in zand geschreven:
zoals de wind met wolken speelt,
zo strelen golven vaak  het strand,
een nooit aflatend herbeginnen
tot alle kijken wordt zoals een
eeuwig minnen, zoals de wolken
stapelen, in een  hemel voor het
glas.

Hemelpoort

 
 

Wat blijft er achter in de hemel als alle wolken
zijn verdwenen? Zoals een vers getrokken spoor
door zon verzandt in stof, zoals voetstappen
verdwijnen eenmaal gedrukt, zo is het ook met
woorden: eenmaal uitgesproken worden ze
luchtledig, naakt en onbeschermd, ze drijven
verder in golven, spoelen aan, en worden dan
gegrepen door onschuldige kinderhanden, die
er nieuwe dromen mee verzinnen. Wat blijft er
achter in de hemel als alle wolken , alle tekens
zijn verdwenen, uitgewist, en enkel staalblauw 
nog aanwezig is? Misschien is  ergens ver, nog
niet beschenen toch een hemelpoort, een opening
waarvan de sleutels ons ontbreken, die ooit
in onze handen aangespoeld ons het verzinnen
boden van wat door onze dromen dan werd
ingevuld, alsof onze armen onze handen lieten
grijpen doorheen tralies naar enkele naakte
woorden , luchtledig, onbeschermd, net geboren,
in verwachting van een wederwoord.

(afbeelding: Boutman, uitkijkend over de Noordzee, Oostduinkerke)

Zweven

Het is zoals een zweven tussen de hemel en de aarde,
tussen mijn hart en ziel, 
het is zoals een zweven,
even geven, even 
nemen, zoals hoog in de wolken
ik geboren ben.
 
Het is zoals en zweven en soms is het
dan
goed van wat als een geheim tussen de heuvels van
dit Ruigoord ligt geborgen nog even 
in zijn rust te laten.
Het is zoals een zweven en mijn hart gaat hevig  heen
en weer tussen dit weten en vergeten.

Tussen de bladzijden vergeeld heb ik je dan
gevonden,
je lach was welbekend, zoals een
zweven heb jij me dan
herkend. De hemel 
werd dan uitgeklaard en hoger
nog kon ik de
adem
vinden die te ruste leggen kan.
Het is zoals een zweven tussen de glimlach
van je
ogen, vraag niet meer want ik herkende
het, het was mij
al gegeven, diep geborgen diep
verborgen in de bedding
van de heuvels hier,
de heuvels van het weten en vergeten,
als geheim nog niet ontsluierd.
Het is zoals een zweven en nu, nu dan herken
ik pas
je stem. O, nee, vraag niet meer, je hebt 
me al gegeven,
hier is dan eindelijk dit zweven, 
en nu, nu ga ik dan heen,
ik zweef nu verder 
tussen de hemel en de aarde, en verder
dan
zal ik je kussen, je omarmen tot je niet meer spreekt
en wij dan in elkaar geborgen worden
tot wij ooit gevonden
zullen worden, tot dit 
geheim zal zweven tussen de hemel
en de aarde,
tussen ons hart en onze ziel.
Luister: wat daar geschreven staat zal dan gelezen
worden voor wie ook zweven kan, hoog in de wolken
en voorbij het weten en vergeten, voorbij wat hier
geschreven staat,
luister, stil,
nu

(geschreven en voorgelezen tijdens I Tjing Symposium 13/7/2009 ~ Ruigoord, zie foto hieronder)

ruigoord

Verdeling

Dacht in de blauwe hemel ooit een lijn
te zien die zon en maan verdeelden,
maar beide drinken van hetzelfde licht.
Dacht zwart en wit te zien en daarin
dan de oplossing van alle vragen, maar
beide kennen niet de warmte van een
regenboog. Dacht sneeuw te zien en ijs,
maar beide  groeien uit hetzelfde water.
Dacht hoog te zien en laag, een midden
waarop beide schommeldansen, maar
was vergeten dat er geen begin noch
einde is, tenzij het zachtjes wiegen in
jouw armen. Waarom verliest de  boom
het blad en jij vertrouwen?  Waarom
spreek je mij met mijn voornaam  aan ?
In hemelsnaam.  Dacht in de blauwe
hemel ooit een lijn te zien die zon en
maan verdeelden, maar toen de wind
kwam bleek plots alles opgelost. Wie
zonder  woorden is tekent een hemellijn,
en wacht op wind,  verbindt, wordt kind.