Tagarchief: feniks

Verrijzenis

Wakker worden en de klokken luiden,
wat valt er vandaag te rapen?
Het gras kleurt langzaam wit zoals
ogen die ontsluiten. Zachtjes tasten
vingers in de ruimte van het wonen
naar vertrouwde bruggenhoofden.
Wanneer zullen we dit zonlicht kennen,
wanneer zal laaiend vuur ons duister
nachtverlangen als een feniks doen
ontvlammen, wanneer zullen we opnieuw
verrijzen? Want tot het openend weten
zijn onze zielen in helderheid geboren.
Wat valt er vandaag te rapen nu
de klokken wakker luiden ?
Flitsend trekken vogels strepen aan
de hemel, het is windstil en wolken
schrijven dit verhaal. Kom, kom en
deel de vreugde van dit samenzijn,
kom, kom, ontken de tekens niet, kom,
kom, laat alle zorgen los, en kies
de liefde van je leven, want klokken
luiden, vandaag zal je verrijzen,
kom, kom en je zal rapen wat zomaar
te begrijpen valt, de woorden liggen
wit te wachten in het gras, kom, kom,
proef de zoetheid van hun taal, ze
zullen je bedwelmen, je beschermen,
je vergeven, je moederlijk ontvangen
als het hemels brood dat altijd
al je lijden draagt. Vandaag luiden
de klokken en zij luiden wakker,
vandaag is alle liefs voor jou,
want zo staat het geschreven

afbeelding: klokkentoren Saintes-Maries-de-la-Mer, Frankrijk

Feniks

Kijk naar buiten, je gelooft niet
wat je ziet. Op het gras tussen
de klokjes staat een feniks en
hij kijkt naar jou. In de verste
verte is er geen vuur te bespeuren,
maar je proeft het branden van
je hart. Als een verloren vuurtoren
knippert zijn ene oog naar jou, hij
hangt tussen de halmen, wenkt
met een verhaal waaraan geen
weerstaan helpt. Kijk naar buiten
en je gelooft niet wat je ziet. Voor
verre wolken hangt een feniks en
hij brengt het vuur naar jou.
Woord voor woord branden zijn
tranen even zoveel diamanten, hij
hangt ze als een parelnet over
je schouders dat je verwelkomt
in dit paradijs op aarde. Kijk,
kijk naar buiten en je gelooft
niet wat je ziet. Eén oogwenk en
hij vliegt weer op, verdwijnt en
laat je achter met zijn vuren
mantel waarvan je nu het branden
voelt. O feniks, lieve boodschapper
die parels strooit als hemels
manna, waar ben je nu? Ik
word verteerd, ik kijk naar buiten
en ik zie de druppels op de halmen
en daarin weerspiegeld zie ik
jou.